In Stichting Vervoeradres, opgericht in 1946, werken samen:
evofenedex, de ondernemersorganisatie voor logistiek en transport
CBRB, Centraal Bureau voor de Rijn- & Binnenvaart
Koninklijke BLN-Schuttevaer, de ketenbrede brancheorganisatie voor de binnenvaart Transport en Logistiek Nederland, de ondernemersorganisatie voor het goederenvervoer Goederenvervoer Nederland

De Algemene Opslagvoorwaarden zijn gedeponeerd ter griffie van de Arrondissementsrechtbank te Amsterdam en Rotterdam.

© 2019, Stichting Vervoeradres
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en (of) openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande toestemming van de uitgever.

Artikel 1 – Definities

In deze voorwaarden wordt verstaan onder:

      1. AVC: Algemene Vervoercondities 2002, zoals laatstelijk vastgesteld door Stichting Vervoeradres en gedeponeerd ter griffie van de Arrondissementsrechtbank te Amsterdam en Rotterdam.
      2. BW: Burgerlijk Wetboek.
      3. CMR: verdrag betreffende de overeenkomst tot internationaal vervoer van goederen over de weg (Genève 1956), zoals aangevuld door het protocol van 1978.
      4. Opslagovereenkomst: de overeenkomst waarbij de bewaarnemer zich jegens de bewaargever verbindt de hem toevertrouwde zaken in opslag te nemen.
      5. Opslag: het inslaan, bewaren en uitslaan van de aan de bewaarnemer toevertrouwde zaken.
      6. Opslagbewijs: Een vrachtbrief dan wel enig ander document waarop dient te worden vermeld
        datum inontvangstneming, aantal colli alsmede inhoud van de colli, maten, gewichten en bijzondere instructies, schriftelijk door de bewaargever bij het aangaan van de opslagovereenkomst ter kennis gebracht aan de bewaarnemer en al hetgeen overigens bewaargever en bewaarnemer goeddunkt. De afwezigheid, de onregelmatigheid of het verlies van het opslagbewijs staat de toepasselijkheid van deze voorwaarden niet in de weg.
      7. Bewaargever: degene die opdracht geeft tot opslag van zaken.
      8. Bewaarnemer: degene die de opdracht tot opslag aanvaardt en uitvoert.
      9. Inontvangstneming: het moment waarop de bewaarnemer de zaken heeft aanvaard.
      10. Aflevering: het moment waarop de bewaarnemer de zaken overdraagt aan de bewaargever ter plaatse waar de opslag is geschied.
      11. Inslag: werkzaamheden die door de bewaarnemer na inontvangstneming worden verricht teneinde de zaken op te slaan in de daarvoor bestemde ruimte.
      12. Uitslag: werkzaamheden die door de bewaarnemer worden verricht ten einde de zaken te kunnen afleveren aan de bewaargever
      13. Overmacht: omstandigheden die een zorgvuldig bewaarnemer niet heeft kunnen vermijden en voor zover zulk een bewaarnemer de gevolgen daarvan niet heeft kunnen verhinderen.
      14. Werkdagen: alle kalenderdagen, met uitzondering van de zaterdagen, de zondagen, alsmede algemeen erkende Christelijke- en Nationale feestdagen.

Artikel 2 – Werkingssfeer

      1. De Algemene Opslagvoorwaarden zijn van toepassing op de opslagovereenkomst, voor zover deze niet in strijd zijn met dwingend recht.
      2. Voor zover daarin door deze Algemene Opslagvoorwaarden niet wordt voorzien, zijn op de opslag de bepalingen van Boek 8 titel 13 BW en de AVC analoog van toepassing.

Artikel 3 – Verplichtingen van de bewaarnemer

De bewaarnemer is verplicht:

      1. De overeengekomen zaken op de overeengekomen plaats, tijd en wijze, vergezeld van de noodzakelijke door de bewaargever te verstrekken documenten in ontvangst te nemen, in te slaan, op te slaan
        en uit te slaan en de zaken in dezelfde staat als waarin hij deze ontvangen heeft dan wel in de overeengekomen staat af te leveren.
      2. a. Bij inontvangstneming van de zaken en het opslagbewijs een getekend exemplaar van het opslagbewijs aan de bewaargever te retourneren.
        b. Bij de inontvangstneming van de zaken de juistheid van de vermelding van het aantal zaken op het opslagbewijs alsmede de uiterlijk goede staat van de zaken en hun verpakking te controleren en in geval van afwijking daarvan aantekening te maken op het opslagbewijs. Deze verplichting bestaat niet wanneer naar het oordeel van de bewaarnemer de inontvangstneming daardoor aanmerkelijk zou worden vertraagd.
        c. Alvorens zaken, die uiterlijk waarneembaar beschadigd zijn, in ontvangst te nemen instructies te vragen aan de bewaargever. Indien niet tijdig instructies verkregen kunnen worden, is de bewaarnemer gerechtigd de inontvangstneming van de zaken te weigeren. Evenzo is de bewaarnemer gerechtigd de inontvangstneming van de zaken te weigeren indien deze, voor zover van toepassing, worden aangeboden in ondeugdelijke of beschadigde verpakking.
        d. Het opslagbewijs levert bewijs, behoudens tegenbewijs, van de voorwaarden der opslagovereenkomst en de partijen bij die overeenkomst, van de inontvangstneming van de zaken en hun verpakking in uiterlijk goede staat, van het gewicht en van het aantal zaken. Indien de bewaarnemer geen redelijke middelen ter beschikking staan om de juistheid van vermeldingen bedoeld in lid 2b van dit artikel te controleren, levert het opslagbewijs geen bewijs van die vermeldingen.
      3. Eén of meer contactpersonen aan te wijzen en daarvan schriftelijk opgave te doen aan de opdrachtgever.
      4. De opslag te doen plaatsvinden in de overeengekomen ruimte(n). Indien geen ruimte is overeengekomen zal de bewaarnemer de zaken opslaan in een hiervoor geschikte ruimte.
      5. Aan de bewaargever mededeling te doen ten aanzien van eventuele verplaatsing van de zaken. De bewaarnemer is gerechtigd de zaken te verplaatsen naar een andere geschikte ruimte, voor zover dit in het kader van zijn bedrijfsvoering noodzakelijk is.
      6. Ten aanzien van de zaken alle, ook niet rechtstreeks uit de opslagovereenkomst voortvloeiende, noodzakelijke maatregelen op kosten van de bewaargever te nemen en alvorens daartoe over te gaan, indien mogelijk, overleg te plegen met de bewaargever.
      7. Zijn wettelijke aansprakelijkheid alsmede zijn aansprakelijkheid, voortvloeiend uit de Algemene Opslagvoorwaarden, te verzekeren bij een solide verzekeraar en op verzoek van de bewaargever deze een kopie van de polis te verstrekken.
      8. Op schriftelijk verzoek en voor rekening van de bewaargever ten behoeve van deze, onder opgave van de gewenste dekking, de zaken te verzekeren bij een solide verzekeraar en op verzoek een kopie van de polis aan de bewaargever te verstrekken.
      9. De bewaargever en de door deze aangewezen personen voor eigen risico toe te laten tot de ruimten waarin zich de zaken bevinden, mits zulks:
        • in aanwezigheid van de bewaarnemer plaatsvindt;
        • tijdig kenbaar is gemaakt;
        • geschiedt conform de huisregels van de bewaarnemer.
      10. In te staan voor het door hem gebruikte materiaal ter uitvoering van de opslagovereenkomst.
      11. Tegenover derden geheimhouding in acht te nemen ten aanzien van feiten en gegevens, die hem op basis van de opslagovereenkomst bekend zijn.
      12. De zaken slechts af te leveren nadat hij hiertoe schriftelijk van de bewaargever opdracht heeft gekregen. De bewaarnemer kan de zaken uitsluitend afleveren aan degene die hiertoe blijkens de schriftelijke opdracht van de bewaargever is aangewezen.

Artikel 4 – Aansprakelijkheid van de bewaarnemer

      1. Indien de door de bewaarnemer ontvangen zaken in hun eventuele verpakking niet in dezelfde dan
        wel in de overeengekomen staat worden afgeleverd, is de bewaarnemer, behoudens overmacht en het verder in deze voorwaarden bepaalde, voor de daardoor ontstane zaakschade aansprakelijk. De last de zaakschade te bewijzen rust op de bewaargever.
      2. De bewaarnemer is niet aansprakelijk voor schade aan zaken, voor zover die schade het gevolg is van de bijzondere risico’s verbonden aan opslag in de open lucht, in opdracht van de bewaargever.
      3. De bewaarnemer die de op hem uit hoofde van artikel 3 lid 1 rustende verplichtingen niet nakwam, is voor de daardoor ontstane schade niet aansprakelijk, voor zover dit niet nakomen het gevolg is van de bijzondere risico’s verbonden aan een of meer van de volgende omstandigheden:

        a. behandeling, lading, stuwing of lossing van de zaken door de bewaargever of personen die voor rekening van de bewaargever handelen;
        b. de aard van bepaalde zaken zelf, die door met deze aard samenhangende oorzaken zijn blootgesteld aan geheel of gedeeltelijk verlies of aan beschadiging, in het bijzonder door ontvlamming, ontploffing, smelting, breuk, corrosie, bederf, uitdroging, lekkage, normaal kwaliteitsverlies, of optreden van ongedierte of knaagdieren;
        c. hitte, koude, temperatuurverschillen of vochtigheid van de lucht, doch slechts indien niet is overeengekomen dat de opslag zal plaatsvinden in een ruimte speciaal ingericht om de zaken aan invloed daarvan te onttrekken;
        d. onvolledigheid of gebrekkigheid van cijfers, letters of merken der colli’s.

      4. a. Wanneer de bewaarnemer bewijst dat, gelet op de omstandigheden van het geval, het niet nakomen van de verplichtingen een gevolg heeft kunnen zijn van één of meer bijzondere risico’s als genoemd in lid 3 van dit artikel, wordt vermoed, dat het niet nakomen daaruit voortvloeit. Degene die jegens de bewaarnemer recht heeft op de zaken kan evenwel bewijzen dat dit niet nakomen geheel of gedeeltelijk niet door één van deze risico’s is veroorzaakt.
        b. Indien in overeenstemming met hetgeen door partijen is overeengekomen opslag plaatsvindt in een ruimte, speciaal ingericht om de zaken te onttrekken aan de invloed van hitte, koude, temperatuurverschillen of vochtigheid van de lucht, kan de bewaarnemer ter ontheffing van zijn aansprakelijkheid een beroep doen op lid 3 sub c van dit artikel indien hij bewijst dat alle maatregelen waartoe hij, rekening houdend met de omstandigheden, verplicht was, zijn genomen met betrekking tot de keuze, het onderhoud en het gebruik van deze inrichtingen.
      5. De aansprakelijkheid van de bewaarnemer voor de in lid 1 van dit artikel bedoelde zaakschade is beperkt tot € 3,40 per kilogram vermiste of beschadigde zaken met het absoluut maximum van een nader tussen partijen bij het sluiten van de opslagovereenkomst overeen te komen bedrag. Is een zodanig bedrag niet overeengekomen, dan geldt een maximum bedrag van € 453.780 per gebeurtenis of reeks van gebeurtenissen met één en dezelfde schadeoorzaak. De schadevergoeding zal evenwel niet meer bedragen dan de factuurwaarde van de zaken op het moment van inontvangstneming hiervan door de bewaarnemer.
      6. Een handeling of een nalaten van wie ook, behalve van de bewaarnemer zelf, geschiedt met het opzet schade te veroorzaken, hetzij roekeloos en met de wetenschap dat schade er waarschijnlijk uit zou voortvloeien, ontneemt de bewaarnemer niet het recht zich op enige uitsluiting of beperking van zijn aansprakelijkheid te beroepen.
      7. Indien de bewaarnemer de opslag niet op het overeengekomen tijdstip of binnen de overeengekomen termijn, wijze en plaats verricht is hij, onverminderd het bepaalde in lid 1 van dit artikel, verplicht
        de activiteiten alsnog zo spoedig mogelijk en niet tegen extra kosten voor de bewaargever, op de overeengekomen wijze te verrichten. Wanneer de bewaargever daarnaast kosten heeft gemaakt in verband met het feit dat de bewaarnemer de opslag niet op de overeengekomen wijze, tijdstip en plaats heeft verricht is de bewaarnemer voor deze kosten aansprakelijk tot ten hoogste een bij het sluiten van de opslagovereenkomst overeen te komen bedrag. Indien een zodanig bedrag niet is overeengekomen, zal de aansprakelijkheid van de bewaarnemer voor deze kosten maximaal € 681 per gebeurtenis bedragen.
      8. Indien de bewaarnemer verzuimt één of meer contactpersonen aan te wijzen als bedoeld in artikel 3 lid 3 wordt degene, die namens de bewaarnemer de opslagovereenkomst heeft ondertekend, geacht contactpersoon te zijn.
      9. De bewaarnemer is niet aansprakelijk voor schade als gevolg van inlichtingen en opdrachten, verstrekt door of aan andere personen dan die bedoeld in artikel 3 lid 3 dan wel artikel 4 lid 8 van deze voorwaarden.
      10. De bewaarnemer is niet aansprakelijk voor schade die de bewaargever lijdt doordat deze niet heeft voldaan aan zijn informatieverplichting als bedoeld in artikel 5 lid 7.
      11. Indien de bewaarnemer herhaaldelijk niet voldoet aan zijn verplichtingen kan de bewaargever, onverminderd zijn recht tot vergoeding van schade zoals omschreven in de leden 1, 2, 3 en 4 van dit artikel, de opslagovereenkomst opzeggen, nadat hij de bewaarnemer schriftelijk een uiterste termijn heeft gesteld en deze bij afloop daarvan nog niet aan zijn verplichtingen heeft voldaan.Ter vergoeding van de uit deze opzegging voortvloeiende schade is de bewaarnemer ten hoogste een bij het sluiten van de opslagovereenkomst overeen te komen bedrag verschuldigd. Indien geen bedrag is overeengekomen, geldt als schadevergoeding het bedrag volgens recht, respectievelijk gebruik, respectievelijk billijkheid.

Artikel 5 – Verplichtingen van de bewaargever

De bewaargever is verplicht:

      1. De bewaarnemer tijdig al die opgaven te doen omtrent de zaken alsmede de behandeling daarvan waartoe hij in staat is of waartoe hij in staat behoort te zijn en waarvan hij weet of behoort te weten dat zij voor de bewaarnemer van belang zijn, tenzij hij mag aannemen dat de bewaarnemer deze gegevens kent of behoort te kennen.
        De bewaargever staat in voor de juistheid van de door hem verstrekte gegevens.
      2. De overeengekomen zaken op de overeengekomen plaats, tijd en wijze, vergezeld van de door of krachtens de wet van de zijde van de bewaargever vereiste documenten en de overige noodzakelijke documenten, waaronder een opslagbewijs, ter beschikking van de bewaarnemer te stellen.
      3. Eén of meer contactpersonen aan te wijzen en daarvan schriftelijk opgave te doen aan de bewaarnemer.
      4. Naast de overeengekomen prijs voor de opslag, de door de bewaarnemer gemaakte kosten als bedoeld in artikel 3 lid 6 binnen de gestelde betalingstermijn te vergoeden.
      5. De bewaarnemer te vrijwaren tegen aanspraken van derden terzake van schade, veroorzaakt door een handelen of nalaten door de bewaargever, zijn ondergeschikten, alsmede alle andere personen van wier diensten de bewaargever gebruik maakt.
      6. In te staan voor het door hem aan de bewaarnemer ter beschikking gestelde materiaal.
      7. De bewaarnemer zo spoedig mogelijk op de hoogte te brengen van wijzigingen van zijn adres. De bewaarnemer kan volstaan met het doen van alle mededelingen aan de bewaargever, waartoe hij uit hoofde van de opslagovereenkomst is gehouden, aan het laatst bekende adres.
      8. Bij beëindiging van de opslagovereenkomst de zich nog bij de bewaarnemer bevindende zaken uiterlijk op de laatste werkdag van die overeenkomst in ontvangst te nemen, zulks na betaling van al hetgeen verschuldigd is of zal worden.
        Voor hetgeen na beëindiging van de opslagovereenkomst verschuldigd zal zijn, kan de opdrachtgever volstaan met het stellen van voldoende zekerheid.
      9. De bewaarnemer schriftelijk opdracht te geven tot aflevering van zaken, waarbij nadrukkelijk dient te worden omschreven aan wie de zaken moeten worden afgeleverd.
      10. a. Bij terugname van de zaken een getekende vrachtbrief of enig ander document aan de bewaarnemer te retourneren, waaruit aflevering van zaken blijkt.
        b. Indien de zaken met uiterlijk zichtbare schade of verlies door de bewaarnemer worden afgeleverd, zonder dat de bewaargever bij of dadelijk na aanneming van de zaken een schriftelijk voorbehoud, waarin de algemene aard van de schade of het verlies is aangegeven, op de vrachtbrief dan wel enig ander afleverbewijs aantekent, wordt de bewaarnemer geacht de zaken in dezelfde staat te hebben afgeleverd als waarin hij hen heeft ontvangen.
        c. Indien de schade of het verlies niet uiterlijk waarneembaar is en de bewaargever niet binnen
        één week na aanneming van de zaken een schriftelijk voorbehoud, waarin de algemene aard van de schade of het verlies is aangegeven, ter kennis van de bewaarnemer heeft gebracht, wordt de bewaarnemer eveneens geacht de zaken in dezelfde staat te hebben afgeleverd als waarin hij hen heeft ontvangen.
      11. Tegenover derden geheimhouding in acht te nemen ten aanzien van de feiten en gegevens, die hem op basis van de opslagovereenkomst bekend zijn.

Artikel 6 – Aansprakelijkheid van de bewaargever

      1. De bewaargever is aansprakelijk voor alle schade als gevolg van onjuiste of onvolledige opgaven omtrent de zaken alsmede de behandeling daarvan.
      2. De bewaargever is aansprakelijk voor alle schade, veroorzaakt door personen of zaken die de bewaarnemer overeenkomstig artikel 3 lid 9 van deze voorwaarden van de zijde van de bewaargever heeft moeten toelaten op zijn terrein.
      3. Indien de bewaargever verzuimt één of meer contactpersonen aan te wijzen als bedoeld in artikel 5 lid 3 van deze voorwaarden, wordt degene die namens de opdrachtgever de opslagovereenkomst heeft ondertekend geacht contactpersoon te zijn.
      4. De bewaargever is niet aansprakelijk voor schade als gevolg van inlichtingen en opdrachten, verstrekt door of aan andere personen dan die bedoeld in artikel 5 lid 3 dan wel artikel 6 lid 3 van deze voorwaarden.
      5. Indien de bewaargever niet tijdig opgave doet omtrent de zaken, alsmede de behandeling daarvan
        als bedoeld in artikel 5 lid 1 van deze voorwaarden, dan wel de overeengekomen zaken niet op het overeen- gekomen tijdstip of binnen de overeengekomen termijn, wijze en plaats, vergezeld van de vereiste documenten als bedoeld in artikel 5 lid 2 van deze voorwaarden, ter beschikking stelt, is hij verplicht deze activiteiten alsnog zo spoedig mogelijk, kosteloos en op de overeengekomen wijze voor de bewaarnemer te verrichten.
        Wanneer de bewaarnemer daarnaast kosten heeft gemaakt in verband met het feit dat de bewaargever zijn verplichtingen, als bedoeld in artikel 5 de leden 1 en 2 van deze voorwaarden niet is nagekomen,
        is de bewaargever voor deze kosten aansprakelijk tot ten hoogste een bij het sluiten van de opslagovereenkomst overeen te komen bedrag. Indien een zodanig bedrag niet is overeengekomen, zal de aansprakelijkheid van de bewaargever voor deze kosten maximaal € 681 per gebeurtenis bedragen.
      6. Indien de bewaargever herhaaldelijk niet voldoet aan zijn verplichtingen kan de bewaarnemer, onverminderd zijn recht tot vergoeding van schade, de opslagovereenkomst opzeggen, nadat hij de bewaargever schriftelijk een uiterste termijn heeft gesteld en de bewaargever bij afloop daarvan nog niet aan zijn verplichtingen heeft voldaan.Ter vergoeding van de uit deze opzegging voortvloeiende schade is de opdrachtgever ten hoogste een bij het sluiten van de opslagovereenkomst overeen te komen bedrag verschuldigd. Indien geen bedrag is overeen- gekomen, geldt als schadevergoeding het bedrag volgens recht, respectievelijk gebruik, respectievelijk billijkheid.
      7. Indien de bewaargever niet voldoet aan zijn verplichtingen, als vermeld in artikel 5 lid 8, is artikel 21 AVC overeenkomstig van toepassing.

Artikel 7 – Terugname van zaken

      1. De bewaargever kan te allen tijde aflevering van zaken vorderen tegen betaling van de overeengekomen vergoeding en de overige kosten als bedoeld in artikel 5 lid 4 van deze voorwaarden.
      2. Indien de bewaargever (voortijdige) aflevering van zaken verlangt, zal de bewaargever de bewaarnemer een redelijke termijn gunnen waarbinnen de zaken moeten worden afgeleverd.
      3. a. De bewaarnemer kan, benevens het bepaalde in artikel 6 lid 6 van deze voorwaarden, terugname van zaken vorderen indien in redelijkheid niet kan worden verlangd dat de opslag wordt voortgezet. De bewaarnemer zal de bewaargever een redelijke termijn gunnen waarbinnen de zaken moeten worden teruggenomen.
        b. Wanneer de bewaargever niet binnen de gestelde termijn tot terugname van de zaken overgaat, is de bewaarnemer gerechtigd de overeenkomst met betrekking tot die zaken op te zeggen. Het bepaalde in de artikelen 5 lid 8, 6 lid 6 en 6 lid 7 van deze voorwaarden is met betrekking tot deze zaken overeenkomstig van toepassing.
      4. Voor zover de bewaarnemer op grond van lid 3 van dit artikel terugname van zaken door de bewaargever verlangt voordat de overeengekomen opslagtermijn is verstreken, worden de door de bewaargever verschuldigde bedragen naar evenredigheid in rekening gebracht indien de oorzaak van beëindiging van de opslag is te wijten aan de bewaarnemer. Indien echter de oorzaak voor beëindiging van de opslag is te wijten aan de bewaargever, is deze de overeengekomen vergoeding en de overige kosten als bedoeld in artikel 5 lid 4 van deze voorwaarden verschuldigd.

Artikel 8 – Verjaring

Alle vorderingen uit hoofde van de opslagovereenkomst verjaren met de tijd van twaalf maanden na beëindiging van de opslagovereenkomst.

Artikel 9 – Betalingsvoorwaarden

      1. Alle door de bewaarnemer en de bewaargever verschuldigde bedragen, uit welken hoofde ook, zullen worden betaald, met inachtneming van de overeengekomen termijn of bij gebreke aan een overeengekomen termijn binnen veertien dagen na de factuurdatum.
      2. Indien de bewaarnemer dan wel de bewaargever enig verschuldigd bedrag niet binnen de overeengekomen termijn of bij gebreke van een overeengekomen termijn binnen veertien dagen na de factuurdatum betaalt, is hij gehouden daarover de wettelijke rente te betalen op voet van artikel 6:119 BW, met ingang van de dag, waarop deze betalingen hadden moeten geschieden tot en met de dag der betaling.
      3. De bewaarnemer dan wel de bewaargever is gerechtigd om alle noodzakelijk gemaakte buitengerechtelijke en gerechtelijke kosten ter incasso van de bedragen, zoals vermeld in lid 1van dit artikel, aan de bewaargever dan wel de bewaarnemer in rekening te brengen. De buitengerechtelijke incassokosten zijn verschuldigd vanaf het moment dat de bewaargever dan wel de bewaarnemer in verzuim is èn de vordering ter incasso uit handen is gegeven.
      4. Beroep op verrekening van vorderingen tot betaling van vergoedingen voortvloeiend uit de opslagovereenkomst, van het uit anderen hoofde terzake van de opslag verschuldigde of van verdere op de zaken drukkende kosten met vorderingen uit anderen hoofde is niet toegestaan.
      5. In elk geval zullen alle bedragen, als bedoeld in lid 1 van dit artikel, terstond opeisbaar en in afwijking van lid 4 van dit artikel vatbaar zijn voor verrekening indien:a. de bewaargever dan wel de bewaarnemer in staat van faillissement verkeert of aan de bewaargever dan wel de bewaarnemer surséance van betaling is verleend;
        b. de bewaargever dan wel de bewaarnemer:

        1. een akkoord aan zijn schuldeisers aanbiedt;
        2. wezenlijk in gebreke is met de nakoming van zijn verplichtingen;
        3. de opslagovereenkomst opzegt op grond van artikel 4 lid 11 dan wel artikel 6 lid 6 van deze voorwaarden;
        4. ophoudt zijn bedrijf uit te oefenen of – ingeval van een rechtspersoon of vennootschap – indien deze ontbonden wordt.

Artikel 10 – Zekerheden

      1. De bewaarnemer heeft jegens ieder, die daarvan afgifte verlangt, een retentierecht op zaken en documenten, die hij in verband met de opslag onder zich heeft. Dit recht komt hem echter niet toe, indien hij op het tijdstip dat hij de goederen ten opslag ontving, reden had te twijfelen aan de bevoegdheid van de bewaargever de goederen ten opslag ter beschikking te stellen.
      2. Tegenover de bewaargever kan de bewaarnemer het recht van retentie slechts uitoefenen voor hetgeen hem verschuldigd is of zal worden terzake van de opslag.
      3. De bewaarnemer kan het in lid 2 van dit artikel toegekende recht van retentie eveneens uitoefenen voor hetgeen hem door de bewaargever nog verschuldigd is in verband met voorgaande opslagovereenkomsten.
      4. Indien bij de afrekening geschil ontstaat over het verschuldigde bedrag of ter bepaling daarvan een niet spoedig uit te voeren berekening nodig is, is hij die aflevering vordert, verplicht het gedeelte over welks verschuldigdheid partijen het eens zijn, terstond te voldoen en voor de betaling van het door hem betwiste gedeelte of van het gedeelte, waarvan het bedrag nog niet vaststaat, zekerheid te stellen.
      5. Alle goederen, documenten en gelden, die de bewaarnemer in verband met de opslagovereenkomst onder zich heeft, strekken hem tot onderpand voor alle vorderingen, die hij ten laste van de bewaargever heeft.
      6. Behoudens in de gevallen dat de bewaargever in staat van faillissement verkeert dan wel hem surséance van betaling is verleend, dan wel bij beëindiging van de opslagovereenkomst als bedoeld in artikel 6 lid 6 en artikel 6 lid 7 van deze voorwaarden, heeft de bewaarnemer nimmer het recht de verpande zaken te verkopen zonder toestemming van de rechter, overeenkomstig artikel 3: 248 lid 2 BW.
      7. a. Indien de bewaargever in gebreke is de bedragen te voldoen, die door hem aan de bewaarnemer verschuldigd zijn en terzake waarvan de bewaarnemer ingevolge de voorgaande leden een retentierecht en/of pandrecht heeft, heeft de bewaarnemer, na verkregen toestemming van de rechter, het recht de bij hem opgeslagen zaken op kosten van de bewaargever te verkopen en zichzelf uit de opbrengst alle met betrekking tot de zaken verschuldigde bedragen te voldoen, een en ander overeenkomstig artikel 3:249 BW e.v.
        b. De kosten van het vragen van toestemming tot verkoop overeenkomstig artikel 3: 248 lid 2
        BW alsmede de kosten van openbare of onderhandse verkoop komen voor rekening van de bewaargever. Indien deze kosten opgeteld bij de openstaande vordering van de bewaarnemer de geschatte waarde van de zaken overtreft, kan de bewaarnemer de zaken verkopen overeenkomstig het bepaalde in artikel 21 lid 3 e.v. AVC.

      8. De bewaarnemer kan het onderpand desgevraagd doen vervangen door een uitsluitend te zijner beoordeling staande gelijkwaardige zekerheid.

Artikel 11 – Bevoegde rechter / arbiter

      1. Alle overeenkomsten, waarop de Algemene Opslagvoorwaarden van toepassing zijn, zullen onderworpen zijn aan het Nederlands recht.
      2. Alle geschillen die tussen partijen ontstaan met betrekking tot de onderhavige overeenkomst, dan wel met betrekking tot nadere overeenkomsten, die daarvan het gevolg zijn, zullen worden beslecht door middel van arbitrage overeenkomstig het Reglement van Stichting UNUM, gevestigd te Rotterdam.

Toelichting

In plaats van een rechterlijke beslissing kunt u er ook voor kiezen om uw geschil te laten beslechten door arbitrage. Het arbitrage-instituut UNUM is gespecialiseerd in het voeren van arbitrage en mediation op de terreinen transport, opslag, logistiek, internationale handel, scheepvaart en scheepsbouw. Om de belangen van het wegtransport en de logistieke dienstverlening te behartigen, zit Stichting Vervoeradres in het bestuur van UNUM. Sinds september 2011 is de mogelijkheid om arbitrages aan te melden bij de Stichting Arbitrage voor Logistiek vervallen.

Wenst u voor het beslechten van geschillen gebruik te maken van UNUM? Dan kunt u de volgende arbitrageclausule opnemen in de vervoerovereenkomst:

‘Alle uit of in verband met deze overeenkomst voortvloeiende geschillen worden onderworpen aan Arbitrage te Rotterdam overeenkomstig het UNUM Arbitragereglement. Art. 29 lid 1 AVC 2002 is niet van toepassing op deze overeenkomst.’

Ook achteraf, als het geschil al ontstaan is, kunnen partijen zich verbinden om een geschil aan arbitrage te onderwerpen. Daartoe dient u een akte van compromis met de andere partij af te sluiten.

Bijlage – Model opslagovereenkomst